Geert van Diepen vertelt het verhaal van opa Dirk in oorlogstijd

Castricum – Oud-Castricummer Geert van Diepen (foto boven) vond in twee dozen bijzondere brieven en documenten van en over zijn opa Dirk van Diepen, die gemeentearchitect was tijdens de vijf bezettingsjaren in Castricum. Van het boek dat hij erover schreef, Vlaggen in de Bernhardstraat, ontvangt burgemeester Toon Mans na de lockdown het eerste exemplaar.

Dirk van Diepen werd in 1936 aangesteld als gemeentearchitect en onbezoldigd veldwachter in de gemeente Castricum. Kort daarna kreeg hij ook de functie van marktmeester met een jaarwedde van 25 gulden. In 1937 ontwierp hij de Juliana & Bernhardbank ter gelegenheid van het huwelijk van het prinselijk paar en in dat zelfde jaar verzorgde hij de tekening en begeleidde hij de bouw van het ‘Patronaatsgebouw voor Jongens’ aan de Overtoom (nu dorpshuis De Kern). Als lid van het Oranjecomité was Dirk van Diepen (1894-1977) ook nauw betrokken bij de bouw van de Beatrixklok in 1938 in Bakkum en de viering van het Regeringsjubileum van koningin Wilhelmina in het duindorp.

Dirk van Diepen als toezichthouder van de kermis op de Brink in de jaren vijftig. (Foto: aangeleverd)

Impopulaire maatregelen

Feest op feest, maar hoe anders werd alles voor hem en iedereen in mei 1940, toen ook in Castricum het Duitse leger en de NSB de macht overnamen. Onder het regime van NSB-burgemeesters en de Duitse weermacht moest hij uit hoofde van zijn functie tal van impopulaire maatregelen uitvoeren. Van het vorderen van kachels en deurbellen tot het leeghalen van Duitse beerputten aan de kust, en dat alles onder dreiging bij weigering ‘eingesperrt’ te worden. Zich ziek melden vond hij laf en toen het werk hem zo tegen de borst stuitte dat hij met zijn gezin wilde onderduiken, verzocht een verzetsman uit Limmen hem dat niet te doen en op het gemeentehuis te blijven. ,,Met een NSB’er in jouw plaats zou het alleen maar erger worden.’’

De Juliana & Bernhardbank in 1937. (Foto: aangeleverd)

Verhelderend en schokkend

Dirk van Diepen bleef op zijn post, en koos daarmee een moeilijke weg. Want hoewel hij het opgedragen werk van de Duitsers traineerde, kreeg hij geen steun van het plaatselijk verzet. Men verdacht hem van Duitsgezind en vlak na de bevrijding in mei 1945 werd hij geschorst. Was die schorsing terecht? Al vanaf de jaren zestig is schrijver en kleinzoon Geert van Diepen (Castricum, 1954) gefascineerd door de vraag: Wat deed opa Dirk van Diepen nou precies op het gemeentehuis tijdens de bezetting? Was opa goed of fout? In de winter van 2020/2021 kwam Geert van Diepen in het bezit van twee dozen met daarin de nalatenschap van zijn opa uit de bezettingsjaren. ,,De informatie die ik vond in een receptieboek van 1945, vergeelde krantjes en knipsels, authentieke Duitse documenten en tientallen brieven is zowel verhelderend als schokkend. Dat mijn opa vijf jaar lang zo intensief met NSB-burgemeesters en de Duitse bezetter te maken heeft gehad in het lieflijke en groene Castricum, daarvan had ik geen idee.’’

De cover van het boek ‘Vlaggen in de Bernhardstraat’. (Foto: aangeleverd)

Zijn zoektocht naar antwoorden aan de hand van primaire bronnen heeft Geert van Diepen te boek gesteld. De geschiedschrijving laat zich lezen als een historische roman: over het leven, de keuzes en angsten van Castricummers in oorlogstijd. De titel is ‘Vlaggen in de Bernhardstraat’ met als ondertitel: De spagaat van een gemeentearchitect tijdens de vijf oorlogsjaren. Het boek is uitgegeven door uitgeverij Elikser en inmiddels online verkrijgbaar bij de boekhandel en webshops.